woensdag 24 maart 2010

Contact met kinderen

Een onderdeel van communicatie in de klas is het contact met kinderen. Hoe maak je contact met de kinderen in de klas? En op wat voor manier praat je dan met je leerlingen, als geïnteresseerde juf of als geïnteresseerde vriend?

Uit bronnenonderzoek heb ik hier verschillende tips over gevonden. Deze tips gaan over hoe je beter contact kan maken met je klas.

- Zoek met elk kind contact: bij binnenkomst, of tijdens het knutselen of buitenspelen, tijdens werkjes of na de les

- Straal expliciet uit dat je geïnteresseerd bent in de achtergrond en belevenissen van kinderen, en durf te vragen naar zaken die je niet kent.

- Wees alert op verschillende gewoontes en cultuurpatronen maar kijk bij elk kind of dat ook echt speelt.

- Wanneer conflictjes op de loer liggen met kinderen, communiceer dan vooral non-verbaal. Houd aanvaringen klein.

- Non-verbaal communiceren kan bijvoorbeeld door kinderen even aan te raken bij de schouder als ze in de klas niet aan het werk zijn.

- Herstel na een terechtwijzing de relatie weer, laat het kind voelen dat het er mag zijn.

Bron

Een aantal van deze tips sluiten aan bij de basisbehoeften van kinderen; relatie, competentie en autonomie. Door tegemoet te komen aan deze basisbehoefte creëer je voor de leerling een gunstig leerklimaat

Ik herken een aantal tips al terug in mijn eigen handelen, zoals bijvoorbeeld het goedemorgen zeggen tegen zoveel mogelijk kinderen, en de nonverbale communicatie door een kind aan te raken bij de schouder als het niet aan het werk is. De rest van de tips ga ik ook proberen toe te passen om beter contact te krijgen met de leerlingen in mijn stageklas.

Vanmiddag ga ik in gesprek met een aantal leerlingen uit mijn stageklas over de communicatie in de klas, wat vinden zij hier nou belangrijk bij? En hoe zien zij de juf?

1 opmerking:

  1. Dag Lisa,

    Je bent goed concreet bezig, zorgt voor afbakening en kijkt goed naar jezelf. De punten die je noemt zou je systematisch uit kunnen proberen. Daarbij is het zo dat elke leerling natuurlijk weer een andere benadering nodig heeft. Als je het uit zou proberen moet je die punten nog wel verder concretiseren.
    Je kunt Remmerswaal er op naslaan als het gaat over de verschillende manieren waarop je de leerlingen kunt benaderen.
    Vermeldt trouwens verder nog wel even de bron die je hebt gebruikt.

    BeantwoordenVerwijderen